Menu

Wat wilt u vragen: ja/nee of een stelling?

26-apr.-2018

Een van de lastigste dilemma’s bij het opstellen van vragen is welke antwoorden u de gebruiker wilt bieden. Daarom biedt JuriBlox diverse smaken, van het tekstveld tot de lijst met opties. Twee clausules die daarbij op hetzelfde neer lijken te komen, zijn de ja/nee vragen en de stelling.

Een ja/nee vraag is precies wat de naam aangeeft: er wordt een vraag gesteld en de gebruiker moet er ja of nee op antwoorden, zoals bij “Is de wederpartij een rechtspersoon” of “Wilt u een boeteclausule opnemen”.

Een stelling lijkt hier sterk op, maar heeft een iets andere formulering. Onder de vraag wordt een aanvinkvakje (checkbox) getoond, en dit kan worden aangevinkt – of niet. De vraag wordt als bewering geformuleerd: “Voeg een boeteclausule toe” of “Bepaal dat de volledige advocaatkosten vergoed moeten worden bij een procedure”.

Beide vragen leveren dezelfde soort antwoorden – een clausule moet wel of niet worden toegevoegd. Het lijkt dus een kwestie van smaak, wilt u de vraag als vraag formuleren of als bewering.

Toch zit er meer achter. Uit onderzoek (bij enquêtes) blijkt dat beweringen eerder als waar worden opgevat dan vragen. “Ik ben voor een hogere snelheidslimiet” levert meer positieve reacties op dan “Vindt u dat de snelheidslimiet moet worden verhoogd”. Gebruik de eerste formulering dus bij voorkeur liever niet bij keuzes die de gebruiker zelf moet maken. Bewaar deze voor situaties die voor zich spreken, en waarbij afwijken een uitzondering is.

Een andere manier om tegen een stelling aan te kijken is dat men er voor of tegen is. Bij de kwestie of een wederpartij een rechtspersoon is, is dat niet aan de orde. Dit moet dus een ja/nee vraag zijn. Maar een boetebeding is meer een voor/tegen kwestie, en daar is een stelling dus een prima manier voor: “Neem een boetebeding op”.

Dit voorbeeld laat tevens zien dat een stelling als positieve, actieve zin moet worden geformuleerd. Er gaat iets gebeuren als men een vinkje zet. Vermijd dus formuleringen als “Ik wil een boetebeding” of “Een boetebeding dient te worden toegevoegd”, omdat deze lastiger lezen.

Verder is bij stellingen belangrijk dat u altijd positief formuleert. Het aanvinken van de stelling betekent dat men iets wil, en het uitvinken dat men iets niet wil. Dus liever “Neem een boeteclausule op” dan “Neem geen boetebeding op”. Wilt u dat een boetebeding wordt toegevoegd tenzij men actief daarop tegen is, vink dan de stelling alvast aan.